11/11/’21 Verslag Sebastiaan V.D.H. – Stijn W., een analyse door Walter O.

Meestal heb ik zo mijn bedenkingen (en opmerkingen) bij het opportunisme van de Sebbe, doch in deze partij laat hij echt wel zien, dat die bedenkingen zeker niet altijd terecht zijn. Mijn oprechte complimenten, mijn waarde!

Persoonlijk hou ik wel van zulke partijen als de onderstaande: geen langdurig gefriemel met de bedoeling ergens tegen het eindspel aan een klein voordeel te verwerven, maar gewoon lekker ‘boenk erop’!

1.e4 e5 2.f4 Pf6

Dit is de Petrov verdediging uit het Koningsgambiet. Hier zijn natuurlijke meerdere alternatieven mogelijk.

3.Pf3

De Witspeler wil in een ware stijl van een gambiet verder gaan. 3.fxe5 Pxe4 4.Pf3 met een klein voordeel voor Wit is mogelijk iets beter.

3…Pxe4

De Zwartspeler neemt het aanbod aan. Als beste voortzettingen geeft Fritz hier 3…d6 = met een mogelijke overgang naar de Fischer verdediging, 1.e4 e5 2.f4 exf4 3.Pf3 d6, en 3…exf4 = met een directe wisseling van zetten met de Schallop verdediging, 1.e4 e5 2.f4 exf4 3.Pf3 Pf6.

4.fxe5 d5 5.d3 Pc5 6.d4 Pe4

De theorie zegt: “Deze zet is dubieus, omdat Zwart weldra gedwongen wordt dit te ruilen en tegelijk Wits ontwikkeling bij te staan. 6…Pe6 is hierna een veiliger alternatief, waarna Wit initiatief minder gevaarlijk wordt, ook al blijft het toch bestaan.”

7.Ld3

“Deze zet is de meest natuurlijke zet en werd bijna universeel gespeeld. Zwart staat hierna slechter, wat hij ook speelt. ”

7…c5

Mijn theorieboek geeft als alternatieven: 7…Le7, welk een wisseling van zetten geeft met de partij na 8.0-0 c5, en 7…Lf5 “het Paard ondersteunt, maar het probleem is, dat de Loper tactisch bloot gesteld zal komen te staan op dit veld.”

8.0–0 Le7 9.c4

Het theorieboek eindigt hier met: “Dit is goed voor Wit.”

9…cxd4 10.cxd5 Dxd5 11.Dc2 Pc5 12.Lc4 d3 13.Dc3

Beide spelers hebben drie stukken ontwikkeld: Dame, Loper en Paard, en hebben allebei een pion staan op de bordhelft van de ander. Er is echter één groot verschil: Wit heeft reeds gerokeerd; Zwart niet! Dit gaat het grote verschil worden tussen winst en verlies. 13.Lxd5?! dxc2 14.Pa3 met een klein voordeel voor Zwart.

13…Dc6??

Zie het diagram hieronder.

De Dame volledig terug trekken met 13…Dd8 is veel beter, maar ook dit kan compleet fout aflopen, als Zwart onnadenkend verder speelt. Hier volgt een miniatuur, dat zeker niet vrij is van foute zetten. 14.Pg5?! 14.Le3 met een klein voordeel voor Wit. 14…Pe6 15.Pxf7?! 15.Pf3 =. 15…Db6+?! 15…Lc5+ 16.Kh1 0–0! 17.Lxe6 (Nu vooral niet 17.Pxd8?? Txf1#) 17…Lxe6 18.Dxc5 Txf7 19.Txf7 Lxf7 met een klein voordeel voor Zwart. 16.Kh1 0–0?! 16…Tf8 17.Lxd3 met een klein voordeel voor Wit. 17.Lxd3 Dd4? 17…Pc5 met een groot voordeel voor Wit. 18.Dc2 Dh4?? 18…g6 19.Lh6 Pg7 +-. 19.Lh6!! en Zwart gaf op in Ivanovic – Osterman, 1979, omwille van:

19…gxh6?? 20.Lxh7+ Kg7 21.Dg6#.

19…Pd4?? 20.Lxh7#.

19…Txf7 20.Dxc8+ Pd8 21.Lc4 gxh6 22.Lxf7+ Kg7 +-.

19…Dxh6 20.Pxh6+ gxh6 21.Txf8+ Pxf8 22.Dxc8 +-.

14.Lxf7+!

Wit heeft terecht gezien, dat hij de Zwarte Koning in het centrum moet houden. Het is een leuke, kleine combinatie, die bovendien ook zijn werk goed doet.

14…Kd8

14…Kxf7? 15.Pd4+, bijvoorbeeld: 15…Kg8 16.Pxc6 Pxc6 17.Le3 +- en Wit heeft de Dame tegen twee lichte stukken. Zwart zal nog problemen krijgen met het in de partij brengen van zijn Toren van h8, terwijl Wit vlot zijn resterende stukken kan ontwikkelen, waarna hij zijn aanval verder kan zetten.

15.Lf4?

Het is goed een stuk te ontwikkelen, maar de Witte e5-pion hoeft geen extra verdediger. Meteen 15.Pd4 +- dwingt meer af.

15…Le6?!

15…Pe6 16.Dxd3+ Dd7 met een groot voordeel voor Wit.

16.Pd4 Db6?!

16…Dd7 +-.

17.Le3 Lxf7 18.Txf7 Ke8?

Zie het diagram hiernaast.

18…Pba6 19.Pf5 Lf8 +- en ook staat het materieel gelijk, Zwart staat gewoon verschrikkelijk met zijn Koning open en bloot in het centrum.

19.Txe7+!

Wit heeft een leuke kleine combinatie gezien, waarbij hij twee lichte stukken kan winnen tegen een Toren.

19…Kxe7 20.Pf5+ Kd8 21.Lxc5

Het grote voordeel, dat Wit nu heeft is, dat hij drie stukken in het spel heeft: Dame, Loper plus Paard, tegenover Zwart enkel de Dame, die dan ook nog eens aangevallen wordt.

21…Dc6 22.Dd4+ Kc8??

Zwart gaf op omwille van 23.Pe7+ Kc7 24.Pxc6 Pxc6 25.Ld6+ Kd8 26.Dxd3 +- en Wit staat een Dame, een Loper plus een pion tegen een Toren voor.

22…Pd7 23.Le7+, bijvoorbeeld: 23…Ke8 23…Kc8 24.Pd2 +- is beter, maar deze keer zal Zwart problemen ondervinden met het in de partij brengen van zijn Toren van a8. Ook dreigt er Pd2-b3 plus Ta1-c1 en zal de Zwarte pion op d3 vroeg of laat sneuvelen. 24.e6! Pf6 24…Dxe6 25.Pxg7+ Kxe7 26.Pxe6 Kxe6 27.Pc3 +-. Wit staat een Dame tegen een Toren voor en er dreigt ook nog eens Ta1-e1+ plus Dxd7. 25.Pc3 +- met de dreiging 26.Lxf6 gxf6 27.Dxf6 plus Df6-e7#.

 

 

 

Verslag speelavond 18 november 2021

Hallo houtschuivende medemensen,

 

Het verslag van gisterenavond is om twee redenen iets minder uitgebreid dan anders, niet alleen waren er maar vier borden bezet alwaar de strijd om de felbegeerde clubkampioenschappuntjes op losbarstte, ikzelf had een hele kluif aan onze voorzitter die speelde met het motto “eraf met de bullen’’…Waardoor ik wel wat heb gemist van de strijd op de andere borden.

De eerste partij die een uitslag kende was deze tussen Peter Van Dyck en Marc Ooms, hier was Peter niet slecht uit de opening gekomen, en er ontstaat een interessante partij, maar naar het einde toe neemt Marc de overhand en als Peter dan een klein foutje maakt, is het Marc die triomfantelijk het volle punt achter zijn naam mag zetten.

Bart wist Tom het knap lastig te maken en zette een vol punt achter zijn naam.

En nieuwkomer Koen kreeg Van der Avort Senior op zijn bord. Zonder respect of eerbied voor de derde leeftijd walste Koen over de stelling van Peter heen. Peter vocht voor wat hij waard was, maar moest z’n meerdere erkennen in de jeugd.

En dan zitten de voorzitter en de secretaris nog in ’n bestuurslidonderonsje elkaar het knap lastig te maken. Marc speelt, zoals reeds eerder aangehaald, volgens het beproefde adagium “eraf met de bullen!’’ En we komen in een interessante stelling terecht alwaar we goed op onze tellen moeten passen om geen fouten te maken en de stelling te laten openbreken. Na 28 zetten zie ik het niet meer en stel remise voor, de voorzitter denkt lang en diep na, zoals je kan zien op onderstaande foto. En hij aanvaardt daarop de remise…

Er werd nog duchtig geanalyseerd bij het nodige gerstenat en iedereen keerde tevreden huiswaarts…

 

Tot schaaks,

Uw secretaris,

Dries

 

 

Groep A
Bart – Tom 1-0
Marc W – Dries 0,5-0,5
Groep B
Koen – Peter VdA 1-0
Peter VD – Marc O 0-1

28/10/2021 Lars B. – Bar V.d. A., een analyse door Walter O.

Zoals ik in een eerdere analyse al aangaf, ben ik de laatste paar jaar een fan geworden van gambieten en andere onorthodoxe openingen. Sinds bijna een jaar geleden (mijn eerste partij dateert van 07/12/2020) speel ik ook het Smith – Morra gambiet (1.e4 c5 2.d4). Het was dan ook leuk dit gambiet op een bord te zien verschijnen tijdens het lopende clubkampioenschap.

1.e4 c5 2.d4 cxd4 3.c3 g6?!

“Dit is een uiterst populaire keuze voor de weigeraar van het gambiet, die hoopt over te gaan naar ofwel de varianten met g7-g6 van de Panov Botwinnik aanval van de Caro Kann verdediging, ofwel het Siciliaans met c2-c3 na 4.cxd4 d5. Hoewel Esserman zijn hele carrière vrolijk de Panov had gespeeld, biedt het boek nu een vervolg aan, dat de intriganten van g7-g6 in onbekend, kokend heet water zal gooien. Zwart bereidt de fianchetto van de zwartveldige Loper voor en zet extra druk op d4, nadat Wit op d4 genomen heeft. Wit kan echter rond dit probleem spelen, door het nemen uit te stellen.”

4.cxd4

4.Pf3! “Men kan rennen, maar niet schuilen voor het Morra gambiet.” 4…Lg7 5.Lc4 met een klein voordeel voor Wit . “Deze zet ontwikkelt de Loper is in de stijl van het Morra, terwijl Zwarts bevrijdende uitbraak voorkomen wordt. De Zwartspeler heeft te maken met moeilijke beslissingen en geen van hen zal zijn problemen volledig oplossen.”

4.Dxd4 is een legale zet, die de Toren van h8 aanvalt. Het is echter niet goed. Hoe de Toren redden? 4…Pf6 Dit is de goede manier. 5.e5 Pc6 6.Df4 Pd5 Zwart staat prima. 7.De4 Pb6 8.Lf4 Lg7 De computer geeft al -1, wanneer Zwart rokeert en uitbreekt met d7-d5 of d7-d6.”

4…d5

“Er wordt aangenomen, dat de actie van Zwart tegen de starre pionnen in het centrum plus zijn aanval op de vleugels niet voldoende compenseren voor zijn nadeel in ruimte. Zoals meestal het geval is bij een vroeg centraal conflict zoals dit, kan Wit de bedreigde pion verdedigen, opschuiven of ruilen. Over het algemeen geldt: hoe lager het niveau, hoe vaker de voorkeur wordt gegeven aan het doorstoten en hoe hoger, hoe vaker er wordt geruild. In de online databank is 5.e5 bijvoorbeeld: meer dan vier keer zo populair dan 5.exd5, terwijl met 2200+ 5.exd5 iets populairder is. 5.Pc3 is nooit erg populair.” 4…Lg7 5.Pf3 met een klein voordeel voor Wit in Olislaegers – bobbievisser (Bob), lichess 2020.

5.Pc3!?

“Deze zet is een beetje lastig, maar niet te sterk.” Het Paard staat nu, waar het naartoe wilde. Er dreigt nu vanzelfsprekend Pc3xd5, terwijl Pc3-b5 ook nog steeds tot de mogelijkheden behoort.

5.exd5 Dxd5 6.Pc3 Dd8 7.Pf3 Lg7 8.Le3 Pc6 9.d5 Pe5 10.Pxe5 Lxe5 11.Lc4 Lf5 12.0–0 Lg7 13.Db3 b6 14.d6 e6 15.Pb5 met een groot voordeel voor Wit in Olislaegers – bavort (Bart), lichess 2021.

5.e5 met een klein voordeel voor Wit , omdat Wit nu een speerpunt op e5 heeft, welke nog meer zwarte velden in het centrum (d6, e7 en f6) doet verzwakken, omdat Wit min of meer genoodzaakt zal zijn vroeg of laat e7-e6 te spelen.“

5…dxe4!

“Met deze zet creëert Zwart een geïsoleerde pion.”

6.Lc4!

Wit wil hoe dan ook een gambiet spelen, maar had dat misschien reeds op zijn vierde zet kunnen (moeten) doen. Zijn aanval is nu tegen f7 gericht. “Het is de theoretische zet en men kan ermee omgaan, maar in de databank van lichess moet worden opgemerkt, dat het niet indrukwekkende 6.Pxe4, welk ook mogelijk is, hierna bijna twee keer zo populair is. 6…Lg7 7.Pf3 Als Wit nu hiermee de pion herovert, kan Zwart verschillende zetten doen, waaronder Lc8-e6 of Lc8-f5, maar vaker kom Pg8-f6 of Pg8-h6 voor. 7…Pf6 Dit ontwikkelt traditioneel. 7…Ph6 heeft het plan Lc8-g4, Ph6-f5 en druk uitoefenen op de geïsoleerde pion na een veilig rokeren. Merk op, dat 8.Pxf6+ Lxf6 9.Lh6 het best tegen gegaan wordt met 9…Da5+!, waarna het schaak moeilijk op te vangen is:

10.Pd2 Pc6! en Zwart wint de d-pion met initiatief.

10.Ld2 Db6 werd gespeeld door Gashimov. Zwart heeft tijd, om te rokeren en zou een klein beetje beter moeten staan.

10.Dd2?! geeft gewoon een slecht eindspel voor Wit.”

6…Lg7

De alternatieven:

  1. 6…Pc6 is de aanbeveling, omdat het idee van Wit dan niet meer werkt.

a1. Wit zou d4 met 7.Pge2 moeten verdedigen. 7…Pf6! Zwart heeft nu wat meer precisie nodig. 8.Db3 e6 9.d5 exd5 10.Pxd5 Zwart heeft nu wegen naar een gelijkstand. 10…Lg7!? De voorkeur gaat naar de lijn met 10…Pxd5 11.Lxd5 De7 met Lf8-g7 plus de korte rokade of De7-b4+ als vervolg. 11.Lg5 11.Pxf6 Dxf7 houdt f7 veilig. 11…0-0 12.0-0-0 Ld7 Zwart doet het goed, maar het vereist nog steeds werk.

a2. 7.Db3?! e6 8.d5 Dd1 Of 9.Da4+ Ld7 10.Dd1, welk vergelijkbaar is. 9…Lg7 10.Le3 Pf5 10…e5?! is slechter, maar zou nog steeds gelijk moeten maken. Zwart staat beter, indien 11.dxe6?! veilig wordt tegen gegaan met 11…Lxc3+ 12.bxc3 Dxd1+ 13.Txd1 Lxe6 Zwart staat een pion voor en de structuur van Wit is niet eens beter, tenzij men de twee Lopers opgeeft.

  1. 6…Pf6 en er volgen soortgelijke zetten als na 6…Lg7.
7.Db3 e6 8.d5!?

Wit staat duidelijk beter ontwikkeld en wil het centrum openen, om zijn aanval op f7 verder te kunnen zetten. “Indien voorbereid, is dit idee een beetje gevaarlijk voor Zwart.”

8…exd5 9.Lxd5 Df6??

Deze zet verliest een belangrijk tempo. Tot dusver ging men in live partijen steeds verder met 9…De7, waaronder:

10.Pxe4 f5?! 10…Pf6!? 11.Lg5 Pbd7 =. 11.Lxg8 fxe4 12.Lg5! Dxg5? 12…Dc7 met een klein voordeel voor Wit. 13.Df7+ Kd8 14.Dxg7 Txg8 15.Dxg8+ Kc7 16.Pe2 Dxg2 17.Dxh7+ Ld7 18.Tg1 +- en Wit staat een kwaliteit voor.

10.Pge2?! Pf6 11.Lg5 =, Tiviakov – Avrukh, 2004.

10.Lf4 is een speelbaar alternatief. 10…Pc6 10…Pd7?! 11.Pxe4 Le5 12.Lxe5 Pxe5 met een groot voordeel voor Wit in Plotkin – Williams, Saint Louis 2017. 11.Db5 met een klein voordeel voor Wit.

10.Pxe4

Het ogenschijnlijk voor de hand liggende 10.Lxb7? Lxb7 11.Dxb7 is niet goed omwille van 11…Dc6! met een klein voordeel voor Wit . Toch was dit de enige voortzetting, waarmee men verschillende malen verder ging op lichess.

10…De7

Zie het diagram hieronder.

11.Lxf7+?

Wit wint zijn geofferde pion terug en wil ook de Zwarte Koning in het open centrum houden. Hoe verleidelijk deze zet er ook uit ziet, het is echter niet zo goed, als het eruit ziet: het verliest namelijk een belangrijk tempo. Bij het spelen van een gambiet telt maar een ding: ontwikkelen, ontwikkelen, en nog eens ontwikkelen. En liefst zo snel mogelijk! 11.Lf4! Wit heeft voor zijn aanval op de Zwarte Koning steun nodig op de zwarte velden en vooral op d6, waarna er van alles in de lucht hangt, enkele voorbeelden:

11…f5 12.Lf7+ Kd8 13.0–0–0+! Ld7 14.Pd6 +-.

11…Pf6 12.Lxf7+ Kd8 13.0–0–0+! Ld7 14.Pd6 +-.

11…Ph6 12.Tc1 0–0 13.Ld6 De8 14.Lxf8 Lxf8 15.Txc8! Dxc8 16.Dxb7 Dc1+ 17.Ke2 Pd7 18.Dxd7 18.Dxa8 Dxb2+ 19.Pd2 +-. 18…Tb8 +-.

11…Le6 12.Dxb7 Lxd5 13.Dxd5 Pf6 14.Dxa8 Dxe4+ 15.Dxe4+ Pxe4 16.Pe2 0–0 17.Tb1 Pc6 +- is de analyse van Stockfish op lichess.

11…Kf8

Wits bedoeling was 11…Dxf7?? 12.Pd6+ +- en Zwart verliest de Dame, maar dit is te doorzichtig.

12.Ld5

Wits enige goede zet. 12.Lxg8?? Dxe4+ 13.Le3 Txg8 14.Pf3 –+ en Zwart staat een Loper tegen een pion voor.

12…Pc6 13.Le3

De dreiging is nu Le3-c5.

13…Pd4 14.Lxd4 Lxd4

Zie het diagram hieronder.

Deze ruil was min of meer gedwongen. Toch is het Zwart, die in psychologisch opzicht beter uit de ruil is gekomen dan zijn tegenstander: hij bezit nu het Loperpaar in een zeer open stelling en niet Wit!

15.0–0–0?!

Wit wil de eigen Koning uit het open centrum halen, maar kiest hiervoor de verkeerde kant, aangezien Lc8-f5 een paar belangrijke vluchtvelden van de Witte Koning afsnijdt en er daarna Ta8-c8+ dreigt. Bovendien staat ook nog eens de zwartveldige Loper van Zwart op die kant van het bord gericht. Een paar zetten eerder was de lange rokade wel goed, omdat dit gepaard ging met een schaak (zie de nota bij Wits elfde zet) en een Zwarte pion op f5 een mogelijk Lc8-f5 verhindert. 15.Pf3 +-, waarna Wit kort kan rokeren.

15…Lb6?!

15…Lg7 met een groot voordeel voor Wit valt een paar belangrijke velden in het centrum plus op de Witte Damevleugel aan en er dreigt bovendien ook nog een vervelende schaak met Lg7-h6+.

16.Df3?!

16.Dc3 Dc7 16…Le6 17.Lxe6 Dxe6 18.Dxh8 Dxe4 19.Dc3 +-. 17.Dxc7 17.Pe2 +-. 17…Lxc7 18.Pe2 Pe7 met een groot voordeel voor Wit omwille van de pion voorsprong.

16…Kg7 17.Dc3+ Kh6??

17…Pf6 18.Pxf6 Dxf6 19.Lxb7! Dxc3+ 19…Lxb7?? verliest de Dame: 20.Td7+ Kh6 21.Dxf6 +-. 20.bxc3 Lxb7 21.Td7+ Kh6 22.Txb7 Lxf2 23.Pf3 met een groot voordeel voor Wit omwille van de pion voorsprong.

18.Dxh8 Lf5

Zie het diagram hieronder

19.f3??

Heeft de Witspeler het hierna volgende schaak niet gezien, of (zwaar) onderschat? Wat het ook zij, hij zat hier reeds in behoorlijk nijpende tijdnood. 19.Td3 Tc8+ 20.Tc3 Lxe4 21.Lxe4 Txc3+ 22.Dxc3 Dxe4 23.Dd2+ Kg7 24.Pf3 +- en Wit staat een Toren plus een pion tegen een Loper voor.

19…Tc8+ 20.Kd2??

20.Kb1 Pf6 21.Dxc8 Lxc8 met een groot voordeel voor Wit.

20…Db4+??

20…Lxe4 21.Lxe4 Dg5+ 22.Ke1 Dxg2 23.Pe2 Dxh1+ 24.Kd2 Td8+ 25.Pd4 Txd4+ 26.Dxd4 Dg2+ 27.Kc1 Lxd4 28.Txd4 –+ en Zwart staat een Dame tegen een Toren voor.

21.Ke2 Tc2+?!

21…Pe7 22.De5 Tc2+ 23.Kd3 Txg2 24.Lxb7 met slechts een groot voordeel voor Wit ondanks het grote materiële verschil.

22.Pd2??

22.Td2 Db5+ 23.Kd1 Txd2+ 24.Pxd2 Dxd5 25.Pe2 +- en Wit staat een Toren plus een pion tegen een licht stuk voor, maar wel met een Koning, die in het centrum is blijven steken.

22…Dc5

Wit gaf op omwille van de dreigingen Dc5-f2# of Dc5-e3xd2+, indien Wit zijn Toren verplaats, om een extra vluchtveld voor de Koning te creëren.