Partij ingeven

Voor sommige van onze collega hobbyisten zijn de partijen op deze site een bron van vermaak, voor anderen vormen ze serieus studiemateriaal om zich voor te bereiden op hun partij met de tegenstander.

Iedereen stelt het dus ten zeerste op prijs als u uw partij na gepleegde feiten  doorstuurt.

Push the button!

PARTIJ INGEVEN

11/11/’21 Verslag Sebastiaan V.D.H. – Stijn W., een analyse door Walter O.

Meestal heb ik zo mijn bedenkingen (en opmerkingen) bij het opportunisme van de Sebbe, doch in deze partij laat hij echt wel zien, dat die bedenkingen zeker niet altijd terecht zijn. Mijn oprechte complimenten, mijn waarde!

Persoonlijk hou ik wel van zulke partijen als de onderstaande: geen langdurig gefriemel met de bedoeling ergens tegen het eindspel aan een klein voordeel te verwerven, maar gewoon lekker ‘boenk erop’!

1.e4 e5 2.f4 Pf6

Dit is de Petrov verdediging uit het Koningsgambiet. Hier zijn natuurlijke meerdere alternatieven mogelijk.

3.Pf3

De Witspeler wil in een ware stijl van een gambiet verder gaan. 3.fxe5 Pxe4 4.Pf3 met een klein voordeel voor Wit is mogelijk iets beter.

3…Pxe4

De Zwartspeler neemt het aanbod aan. Als beste voortzettingen geeft Fritz hier 3…d6 = met een mogelijke overgang naar de Fischer verdediging, 1.e4 e5 2.f4 exf4 3.Pf3 d6, en 3…exf4 = met een directe wisseling van zetten met de Schallop verdediging, 1.e4 e5 2.f4 exf4 3.Pf3 Pf6.

4.fxe5 d5 5.d3 Pc5 6.d4 Pe4

De theorie zegt: “Deze zet is dubieus, omdat Zwart weldra gedwongen wordt dit te ruilen en tegelijk Wits ontwikkeling bij te staan. 6…Pe6 is hierna een veiliger alternatief, waarna Wit initiatief minder gevaarlijk wordt, ook al blijft het toch bestaan.”

7.Ld3

“Deze zet is de meest natuurlijke zet en werd bijna universeel gespeeld. Zwart staat hierna slechter, wat hij ook speelt. ”

7…c5

Mijn theorieboek geeft als alternatieven: 7…Le7, welk een wisseling van zetten geeft met de partij na 8.0-0 c5, en 7…Lf5 “het Paard ondersteunt, maar het probleem is, dat de Loper tactisch bloot gesteld zal komen te staan op dit veld.”

8.0–0 Le7 9.c4

Het theorieboek eindigt hier met: “Dit is goed voor Wit.”

9…cxd4 10.cxd5 Dxd5 11.Dc2 Pc5 12.Lc4 d3 13.Dc3

Beide spelers hebben drie stukken ontwikkeld: Dame, Loper en Paard, en hebben allebei een pion staan op de bordhelft van de ander. Er is echter één groot verschil: Wit heeft reeds gerokeerd; Zwart niet! Dit gaat het grote verschil worden tussen winst en verlies. 13.Lxd5?! dxc2 14.Pa3 met een klein voordeel voor Zwart.

13…Dc6??

Zie het diagram hieronder.

De Dame volledig terug trekken met 13…Dd8 is veel beter, maar ook dit kan compleet fout aflopen, als Zwart onnadenkend verder speelt. Hier volgt een miniatuur, dat zeker niet vrij is van foute zetten. 14.Pg5?! 14.Le3 met een klein voordeel voor Wit. 14…Pe6 15.Pxf7?! 15.Pf3 =. 15…Db6+?! 15…Lc5+ 16.Kh1 0–0! 17.Lxe6 (Nu vooral niet 17.Pxd8?? Txf1#) 17…Lxe6 18.Dxc5 Txf7 19.Txf7 Lxf7 met een klein voordeel voor Zwart. 16.Kh1 0–0?! 16…Tf8 17.Lxd3 met een klein voordeel voor Wit. 17.Lxd3 Dd4? 17…Pc5 met een groot voordeel voor Wit. 18.Dc2 Dh4?? 18…g6 19.Lh6 Pg7 +-. 19.Lh6!! en Zwart gaf op in Ivanovic – Osterman, 1979, omwille van:

19…gxh6?? 20.Lxh7+ Kg7 21.Dg6#.

19…Pd4?? 20.Lxh7#.

19…Txf7 20.Dxc8+ Pd8 21.Lc4 gxh6 22.Lxf7+ Kg7 +-.

19…Dxh6 20.Pxh6+ gxh6 21.Txf8+ Pxf8 22.Dxc8 +-.

14.Lxf7+!

Wit heeft terecht gezien, dat hij de Zwarte Koning in het centrum moet houden. Het is een leuke, kleine combinatie, die bovendien ook zijn werk goed doet.

14…Kd8

14…Kxf7? 15.Pd4+, bijvoorbeeld: 15…Kg8 16.Pxc6 Pxc6 17.Le3 +- en Wit heeft de Dame tegen twee lichte stukken. Zwart zal nog problemen krijgen met het in de partij brengen van zijn Toren van h8, terwijl Wit vlot zijn resterende stukken kan ontwikkelen, waarna hij zijn aanval verder kan zetten.

15.Lf4?

Het is goed een stuk te ontwikkelen, maar de Witte e5-pion hoeft geen extra verdediger. Meteen 15.Pd4 +- dwingt meer af.

15…Le6?!

15…Pe6 16.Dxd3+ Dd7 met een groot voordeel voor Wit.

16.Pd4 Db6?!

16…Dd7 +-.

17.Le3 Lxf7 18.Txf7 Ke8?

Zie het diagram hiernaast.

18…Pba6 19.Pf5 Lf8 +- en ook staat het materieel gelijk, Zwart staat gewoon verschrikkelijk met zijn Koning open en bloot in het centrum.

19.Txe7+!

Wit heeft een leuke kleine combinatie gezien, waarbij hij twee lichte stukken kan winnen tegen een Toren.

19…Kxe7 20.Pf5+ Kd8 21.Lxc5

Het grote voordeel, dat Wit nu heeft is, dat hij drie stukken in het spel heeft: Dame, Loper plus Paard, tegenover Zwart enkel de Dame, die dan ook nog eens aangevallen wordt.

21…Dc6 22.Dd4+ Kc8??

Zwart gaf op omwille van 23.Pe7+ Kc7 24.Pxc6 Pxc6 25.Ld6+ Kd8 26.Dxd3 +- en Wit staat een Dame, een Loper plus een pion tegen een Toren voor.

22…Pd7 23.Le7+, bijvoorbeeld: 23…Ke8 23…Kc8 24.Pd2 +- is beter, maar deze keer zal Zwart problemen ondervinden met het in de partij brengen van zijn Toren van a8. Ook dreigt er Pd2-b3 plus Ta1-c1 en zal de Zwarte pion op d3 vroeg of laat sneuvelen. 24.e6! Pf6 24…Dxe6 25.Pxg7+ Kxe7 26.Pxe6 Kxe6 27.Pc3 +-. Wit staat een Dame tegen een Toren voor en er dreigt ook nog eens Ta1-e1+ plus Dxd7. 25.Pc3 +- met de dreiging 26.Lxf6 gxf6 27.Dxf6 plus Df6-e7#.

 

 

 

Verslag speelavond 18 november 2021

Hallo houtschuivende medemensen,

 

Het verslag van gisterenavond is om twee redenen iets minder uitgebreid dan anders, niet alleen waren er maar vier borden bezet alwaar de strijd om de felbegeerde clubkampioenschappuntjes op losbarstte, ikzelf had een hele kluif aan onze voorzitter die speelde met het motto “eraf met de bullen’’…Waardoor ik wel wat heb gemist van de strijd op de andere borden.

De eerste partij die een uitslag kende was deze tussen Peter Van Dyck en Marc Ooms, hier was Peter niet slecht uit de opening gekomen, en er ontstaat een interessante partij, maar naar het einde toe neemt Marc de overhand en als Peter dan een klein foutje maakt, is het Marc die triomfantelijk het volle punt achter zijn naam mag zetten.

Bart wist Tom het knap lastig te maken en zette een vol punt achter zijn naam.

En nieuwkomer Koen kreeg Van der Avort Senior op zijn bord. Zonder respect of eerbied voor de derde leeftijd walste Koen over de stelling van Peter heen. Peter vocht voor wat hij waard was, maar moest z’n meerdere erkennen in de jeugd.

En dan zitten de voorzitter en de secretaris nog in ’n bestuurslidonderonsje elkaar het knap lastig te maken. Marc speelt, zoals reeds eerder aangehaald, volgens het beproefde adagium “eraf met de bullen!’’ En we komen in een interessante stelling terecht alwaar we goed op onze tellen moeten passen om geen fouten te maken en de stelling te laten openbreken. Na 28 zetten zie ik het niet meer en stel remise voor, de voorzitter denkt lang en diep na, zoals je kan zien op onderstaande foto. En hij aanvaardt daarop de remise…

Er werd nog duchtig geanalyseerd bij het nodige gerstenat en iedereen keerde tevreden huiswaarts…

 

Tot schaaks,

Uw secretaris,

Dries

 

 

Groep A
Bart – Tom 1-0
Marc W – Dries 0,5-0,5
Groep B
Koen – Peter VdA 1-0
Peter VD – Marc O 0-1

28/10/2021 Lars B. – Bar V.d. A., een analyse door Walter O.

Zoals ik in een eerdere analyse al aangaf, ben ik de laatste paar jaar een fan geworden van gambieten en andere onorthodoxe openingen. Sinds bijna een jaar geleden (mijn eerste partij dateert van 07/12/2020) speel ik ook het Smith – Morra gambiet (1.e4 c5 2.d4). Het was dan ook leuk dit gambiet op een bord te zien verschijnen tijdens het lopende clubkampioenschap.

1.e4 c5 2.d4 cxd4 3.c3 g6?!

“Dit is een uiterst populaire keuze voor de weigeraar van het gambiet, die hoopt over te gaan naar ofwel de varianten met g7-g6 van de Panov Botwinnik aanval van de Caro Kann verdediging, ofwel het Siciliaans met c2-c3 na 4.cxd4 d5. Hoewel Esserman zijn hele carrière vrolijk de Panov had gespeeld, biedt het boek nu een vervolg aan, dat de intriganten van g7-g6 in onbekend, kokend heet water zal gooien. Zwart bereidt de fianchetto van de zwartveldige Loper voor en zet extra druk op d4, nadat Wit op d4 genomen heeft. Wit kan echter rond dit probleem spelen, door het nemen uit te stellen.”

4.cxd4

4.Pf3! “Men kan rennen, maar niet schuilen voor het Morra gambiet.” 4…Lg7 5.Lc4 met een klein voordeel voor Wit . “Deze zet ontwikkelt de Loper is in de stijl van het Morra, terwijl Zwarts bevrijdende uitbraak voorkomen wordt. De Zwartspeler heeft te maken met moeilijke beslissingen en geen van hen zal zijn problemen volledig oplossen.”

4.Dxd4 is een legale zet, die de Toren van h8 aanvalt. Het is echter niet goed. Hoe de Toren redden? 4…Pf6 Dit is de goede manier. 5.e5 Pc6 6.Df4 Pd5 Zwart staat prima. 7.De4 Pb6 8.Lf4 Lg7 De computer geeft al -1, wanneer Zwart rokeert en uitbreekt met d7-d5 of d7-d6.”

4…d5

“Er wordt aangenomen, dat de actie van Zwart tegen de starre pionnen in het centrum plus zijn aanval op de vleugels niet voldoende compenseren voor zijn nadeel in ruimte. Zoals meestal het geval is bij een vroeg centraal conflict zoals dit, kan Wit de bedreigde pion verdedigen, opschuiven of ruilen. Over het algemeen geldt: hoe lager het niveau, hoe vaker de voorkeur wordt gegeven aan het doorstoten en hoe hoger, hoe vaker er wordt geruild. In de online databank is 5.e5 bijvoorbeeld: meer dan vier keer zo populair dan 5.exd5, terwijl met 2200+ 5.exd5 iets populairder is. 5.Pc3 is nooit erg populair.” 4…Lg7 5.Pf3 met een klein voordeel voor Wit in Olislaegers – bobbievisser (Bob), lichess 2020.

5.Pc3!?

“Deze zet is een beetje lastig, maar niet te sterk.” Het Paard staat nu, waar het naartoe wilde. Er dreigt nu vanzelfsprekend Pc3xd5, terwijl Pc3-b5 ook nog steeds tot de mogelijkheden behoort.

5.exd5 Dxd5 6.Pc3 Dd8 7.Pf3 Lg7 8.Le3 Pc6 9.d5 Pe5 10.Pxe5 Lxe5 11.Lc4 Lf5 12.0–0 Lg7 13.Db3 b6 14.d6 e6 15.Pb5 met een groot voordeel voor Wit in Olislaegers – bavort (Bart), lichess 2021.

5.e5 met een klein voordeel voor Wit , omdat Wit nu een speerpunt op e5 heeft, welke nog meer zwarte velden in het centrum (d6, e7 en f6) doet verzwakken, omdat Wit min of meer genoodzaakt zal zijn vroeg of laat e7-e6 te spelen.“

5…dxe4!

“Met deze zet creëert Zwart een geïsoleerde pion.”

6.Lc4!

Wit wil hoe dan ook een gambiet spelen, maar had dat misschien reeds op zijn vierde zet kunnen (moeten) doen. Zijn aanval is nu tegen f7 gericht. “Het is de theoretische zet en men kan ermee omgaan, maar in de databank van lichess moet worden opgemerkt, dat het niet indrukwekkende 6.Pxe4, welk ook mogelijk is, hierna bijna twee keer zo populair is. 6…Lg7 7.Pf3 Als Wit nu hiermee de pion herovert, kan Zwart verschillende zetten doen, waaronder Lc8-e6 of Lc8-f5, maar vaker kom Pg8-f6 of Pg8-h6 voor. 7…Pf6 Dit ontwikkelt traditioneel. 7…Ph6 heeft het plan Lc8-g4, Ph6-f5 en druk uitoefenen op de geïsoleerde pion na een veilig rokeren. Merk op, dat 8.Pxf6+ Lxf6 9.Lh6 het best tegen gegaan wordt met 9…Da5+!, waarna het schaak moeilijk op te vangen is:

10.Pd2 Pc6! en Zwart wint de d-pion met initiatief.

10.Ld2 Db6 werd gespeeld door Gashimov. Zwart heeft tijd, om te rokeren en zou een klein beetje beter moeten staan.

10.Dd2?! geeft gewoon een slecht eindspel voor Wit.”

6…Lg7

De alternatieven:

  1. 6…Pc6 is de aanbeveling, omdat het idee van Wit dan niet meer werkt.

a1. Wit zou d4 met 7.Pge2 moeten verdedigen. 7…Pf6! Zwart heeft nu wat meer precisie nodig. 8.Db3 e6 9.d5 exd5 10.Pxd5 Zwart heeft nu wegen naar een gelijkstand. 10…Lg7!? De voorkeur gaat naar de lijn met 10…Pxd5 11.Lxd5 De7 met Lf8-g7 plus de korte rokade of De7-b4+ als vervolg. 11.Lg5 11.Pxf6 Dxf7 houdt f7 veilig. 11…0-0 12.0-0-0 Ld7 Zwart doet het goed, maar het vereist nog steeds werk.

a2. 7.Db3?! e6 8.d5 Dd1 Of 9.Da4+ Ld7 10.Dd1, welk vergelijkbaar is. 9…Lg7 10.Le3 Pf5 10…e5?! is slechter, maar zou nog steeds gelijk moeten maken. Zwart staat beter, indien 11.dxe6?! veilig wordt tegen gegaan met 11…Lxc3+ 12.bxc3 Dxd1+ 13.Txd1 Lxe6 Zwart staat een pion voor en de structuur van Wit is niet eens beter, tenzij men de twee Lopers opgeeft.

  1. 6…Pf6 en er volgen soortgelijke zetten als na 6…Lg7.
7.Db3 e6 8.d5!?

Wit staat duidelijk beter ontwikkeld en wil het centrum openen, om zijn aanval op f7 verder te kunnen zetten. “Indien voorbereid, is dit idee een beetje gevaarlijk voor Zwart.”

8…exd5 9.Lxd5 Df6??

Deze zet verliest een belangrijk tempo. Tot dusver ging men in live partijen steeds verder met 9…De7, waaronder:

10.Pxe4 f5?! 10…Pf6!? 11.Lg5 Pbd7 =. 11.Lxg8 fxe4 12.Lg5! Dxg5? 12…Dc7 met een klein voordeel voor Wit. 13.Df7+ Kd8 14.Dxg7 Txg8 15.Dxg8+ Kc7 16.Pe2 Dxg2 17.Dxh7+ Ld7 18.Tg1 +- en Wit staat een kwaliteit voor.

10.Pge2?! Pf6 11.Lg5 =, Tiviakov – Avrukh, 2004.

10.Lf4 is een speelbaar alternatief. 10…Pc6 10…Pd7?! 11.Pxe4 Le5 12.Lxe5 Pxe5 met een groot voordeel voor Wit in Plotkin – Williams, Saint Louis 2017. 11.Db5 met een klein voordeel voor Wit.

10.Pxe4

Het ogenschijnlijk voor de hand liggende 10.Lxb7? Lxb7 11.Dxb7 is niet goed omwille van 11…Dc6! met een klein voordeel voor Wit . Toch was dit de enige voortzetting, waarmee men verschillende malen verder ging op lichess.

10…De7

Zie het diagram hieronder.

11.Lxf7+?

Wit wint zijn geofferde pion terug en wil ook de Zwarte Koning in het open centrum houden. Hoe verleidelijk deze zet er ook uit ziet, het is echter niet zo goed, als het eruit ziet: het verliest namelijk een belangrijk tempo. Bij het spelen van een gambiet telt maar een ding: ontwikkelen, ontwikkelen, en nog eens ontwikkelen. En liefst zo snel mogelijk! 11.Lf4! Wit heeft voor zijn aanval op de Zwarte Koning steun nodig op de zwarte velden en vooral op d6, waarna er van alles in de lucht hangt, enkele voorbeelden:

11…f5 12.Lf7+ Kd8 13.0–0–0+! Ld7 14.Pd6 +-.

11…Pf6 12.Lxf7+ Kd8 13.0–0–0+! Ld7 14.Pd6 +-.

11…Ph6 12.Tc1 0–0 13.Ld6 De8 14.Lxf8 Lxf8 15.Txc8! Dxc8 16.Dxb7 Dc1+ 17.Ke2 Pd7 18.Dxd7 18.Dxa8 Dxb2+ 19.Pd2 +-. 18…Tb8 +-.

11…Le6 12.Dxb7 Lxd5 13.Dxd5 Pf6 14.Dxa8 Dxe4+ 15.Dxe4+ Pxe4 16.Pe2 0–0 17.Tb1 Pc6 +- is de analyse van Stockfish op lichess.

11…Kf8

Wits bedoeling was 11…Dxf7?? 12.Pd6+ +- en Zwart verliest de Dame, maar dit is te doorzichtig.

12.Ld5

Wits enige goede zet. 12.Lxg8?? Dxe4+ 13.Le3 Txg8 14.Pf3 –+ en Zwart staat een Loper tegen een pion voor.

12…Pc6 13.Le3

De dreiging is nu Le3-c5.

13…Pd4 14.Lxd4 Lxd4

Zie het diagram hieronder.

Deze ruil was min of meer gedwongen. Toch is het Zwart, die in psychologisch opzicht beter uit de ruil is gekomen dan zijn tegenstander: hij bezit nu het Loperpaar in een zeer open stelling en niet Wit!

15.0–0–0?!

Wit wil de eigen Koning uit het open centrum halen, maar kiest hiervoor de verkeerde kant, aangezien Lc8-f5 een paar belangrijke vluchtvelden van de Witte Koning afsnijdt en er daarna Ta8-c8+ dreigt. Bovendien staat ook nog eens de zwartveldige Loper van Zwart op die kant van het bord gericht. Een paar zetten eerder was de lange rokade wel goed, omdat dit gepaard ging met een schaak (zie de nota bij Wits elfde zet) en een Zwarte pion op f5 een mogelijk Lc8-f5 verhindert. 15.Pf3 +-, waarna Wit kort kan rokeren.

15…Lb6?!

15…Lg7 met een groot voordeel voor Wit valt een paar belangrijke velden in het centrum plus op de Witte Damevleugel aan en er dreigt bovendien ook nog een vervelende schaak met Lg7-h6+.

16.Df3?!

16.Dc3 Dc7 16…Le6 17.Lxe6 Dxe6 18.Dxh8 Dxe4 19.Dc3 +-. 17.Dxc7 17.Pe2 +-. 17…Lxc7 18.Pe2 Pe7 met een groot voordeel voor Wit omwille van de pion voorsprong.

16…Kg7 17.Dc3+ Kh6??

17…Pf6 18.Pxf6 Dxf6 19.Lxb7! Dxc3+ 19…Lxb7?? verliest de Dame: 20.Td7+ Kh6 21.Dxf6 +-. 20.bxc3 Lxb7 21.Td7+ Kh6 22.Txb7 Lxf2 23.Pf3 met een groot voordeel voor Wit omwille van de pion voorsprong.

18.Dxh8 Lf5

Zie het diagram hieronder

19.f3??

Heeft de Witspeler het hierna volgende schaak niet gezien, of (zwaar) onderschat? Wat het ook zij, hij zat hier reeds in behoorlijk nijpende tijdnood. 19.Td3 Tc8+ 20.Tc3 Lxe4 21.Lxe4 Txc3+ 22.Dxc3 Dxe4 23.Dd2+ Kg7 24.Pf3 +- en Wit staat een Toren plus een pion tegen een Loper voor.

19…Tc8+ 20.Kd2??

20.Kb1 Pf6 21.Dxc8 Lxc8 met een groot voordeel voor Wit.

20…Db4+??

20…Lxe4 21.Lxe4 Dg5+ 22.Ke1 Dxg2 23.Pe2 Dxh1+ 24.Kd2 Td8+ 25.Pd4 Txd4+ 26.Dxd4 Dg2+ 27.Kc1 Lxd4 28.Txd4 –+ en Zwart staat een Dame tegen een Toren voor.

21.Ke2 Tc2+?!

21…Pe7 22.De5 Tc2+ 23.Kd3 Txg2 24.Lxb7 met slechts een groot voordeel voor Wit ondanks het grote materiële verschil.

22.Pd2??

22.Td2 Db5+ 23.Kd1 Txd2+ 24.Pxd2 Dxd5 25.Pe2 +- en Wit staat een Toren plus een pion tegen een licht stuk voor, maar wel met een Koning, die in het centrum is blijven steken.

22…Dc5

Wit gaf op omwille van de dreigingen Dc5-f2# of Dc5-e3xd2+, indien Wit zijn Toren verplaats, om een extra vluchtveld voor de Koning te creëren.

Verslag Speelavond 11 november 2021

Beste schaakmaten,

 

Toch meer volk dan de week ervoor afgelopen donderdag in het Sint Pieter. Niet alleen om vrij te schaken en te oefenen, maar ook werden er drie partijen afgewerkt in de competitie.

Peter De Heldt kreeg Peter Wouters op zijn bord. Peter speelt niet slecht, maar Peter is toch net iets beter. Peter komt zelfs een pion voor te staan, maar als Peter even later een flater slaat is het toch Peter die de partij naar zich toetrekt en het volle punt achter zijn naam zet.

In de partij tussen Tom en Lars is het Lars die een pion voorstaat, maar Tom heeft op het eerste zicht wel een iets aanvallender stelling op het bord staan, even later tracht hij de pion achterstand gelijk te trekken, maar komt een stuk achter en als dan even later de dames ook naast het bord komen te staan, geeft Tom op en is het Lars die het punt in de wacht sleept.

En dan zitten er nog twee achter hun zwart witte bord te zweten. Het is een enorm traag spel, zelfs van Sebastiaan zijn kant. Hij speelt tegen Stijn en van hem weten we dat hij soms wel eens wat tijd nodig heeft. Hij heeft dan wel een pionnetje voorsprong, de tijd aan zijn kant van de klok tikt ongenadig hard voort terwijl hij in een stelling waar er op dameruil aangestuurd wordt rustig zijn tijd neemt om de stelling te analyseren. Sebastiaan weet de pion achterstand weg te werken en komt zo in een interessante stelling terecht. Maar de tijd, de eeuwige nemesis van Stijn,  doet hem de das om en het is Sebastiaan die met het volle punt huiswaarts keert.

Er wordt dan nog duchtig geanalyseerd en nagekaart bij het nodige gerstenat, maar té laat maak ik het niet…

 

Tot schaaks

Uw secretaris

Dries

 

 

 

Groep A
Peter DH – Peter W 1-0
Tom – Lars 0-1
Groep B
Sebastiaan – Stijn 1-0

Verslag Speelavond 04 november 2021

Beste houtschuivers,

Een verbazingwekkende lage opkomst gisteren in het Sint Pieter. Toen ik binnen kwam waren er slechts twee zwart wit geruite borden alwaar geschaakt werd, en één was dan nog niet eens voor de competitie.

overzicht van de lege ruimte… Hieruit blijkt dat schakers zich graag in groep concentreren

Het andere bord was het strijdtoneel voor de match tussen Geert en Peter DH. Geert komt wel beter uit zijn opening maar maakt een foutje en Peter komt weer in de partij… Er volgen foutjes aan beide kanten maar Geert maakt er eentje meer en komt dan een loper achter. Peter geeft deze voorsprong niet meer uit handen en sleept het volle punt in de wacht.
Er werd nog één andere partij gespeeld voor de competitie en dat was tussen Peter W. en ondergetekende. We komen redelijk uit de opening en de stelling slibt helemaal dicht. Mijn acht, aaneengesloten pionnen maken een doorbraak moeilijk.


Ik stel dan ook remise voor, maar op dat moment ziet Peter meer dan ik en neemt hem niet aan. Na nog wat heen en weer geschuif, als de lopers ook vertrokken zijn is het Peter die slordig terugpakt en mij de kans geeft om een pion richting promotie door te duwen en Peter geeft op.
Er werd nog gedronken en geanalyseerd, gelachen en gepraat.

En dan nog even een warme oproep voor het Kersttoernooi van TuSK op zondag 26 december. Inschrijven kan tot 10u00 en het toernooi start om 11u. Dit alles in het Sint Pieter in de Jubileumlaan (’t school)

 

schakerige groet

Uw secretaris,

Dries

 

Groep A

Geert       –     Peter DH       0-1

Peter W. –      Dries              0-1

14/10/2021: Roes, Bob – Buys, Lars; een analyse door Walter O.

1.d4 d5 2.c4 e6 3.Pf3 Pf6 4.Pc3

Vanaf hier begint de drie Paarden variant van het geweigerde Damegambiet, ook al zijn er nog steeds overgangen mogelijk naar andere varianten.

4…Le7 5.e3

Wit kiest voor de meest passieve voortzetting, waarbij hij vrijwillig de eigen zwartveldige Loper insluit. Actievere mogelijkheden, welke naar uitgebreidere varianten leiden, zijn bijvoorbeeld:

5.Lf4 =.

5.Lg5 =.

5…0–0 6.Ld3 dxc4 7.Lxc4 c5

Zwart valt meteen Wits centrum aan.

8.0–0 cxd4 9.Pxd4

Wit kiest er voor, om niet met een geïsoleerde d-pion verder te zetten via 9.exd4 =, een zeer gekend thema in de theorie van het schaken. Met deze zet had hij echter wel zijn zwartveldige Loper vrij kunnen spelen.

9…Dc7 10.Le2

Het moge duidelijk zijn, dat Wit deze Loper naar de lange h1–a8-diagonaal wil overbrengen.

10…a6 11.Lf3?!

Het is echter nog iets te vroeg hiervoor. 11.Ld3 =.

11…Pbd7?!

Zwart kan nu ruimte in het centrum winnen met 11…e5 12.Pde2 Le6 13.Pg3 Pc6 met een klein voordeel voor Zwart, zoals in Featherstone – Beckett, 2018. Hij kan nu zijn Torens op de velden c8 plus d8 plaatsen en ruimte winnen op de Damevleugel met b7-b5. Voor Wit is het nog altijd de vraag, hoe hij denkt zijn zwartveldige Loper is het spel te brengen: Lc1–d2, waar het stuk voorlopig enkel steun krijgt van de Witte dame of het tijd vragende a2-a3, b2-b4 plus Lc1–b2.

12.g3?!

Dit is een verzwakking van de witte velden f3-g4-h3 op de Witte Koningsvleugel. Het geluk, dat Wit heeft, is, dat het stuk, dat het beste gebruik zou kunnen maken van die verzwakkingen, een stuk is, dat nog steeds ingesloten staat: de witveldige Loper van Zwart. Op lichess ging men hier enkel verder met de volgende zetten:

12.Ld2 = ontwikkelt de zwartveldige Loper naar een passief veld.

12.De2 = haalt de Dame weg van de open d-lijn.

12…Td8 13.De2 Pe5 14.Lg2 Pg6 15.a3?!

15.Dc2 met een klein voordeel voor Zwart eventueel in een later stadium gevolgd door Dc2-b3. Misschien had Wit eerder beter meteen zijn Dame op c2 geplaatst.

15…e5

Zwart maakt meteen gebruik van Wits passiviteit, om zijn centrum uit te breiden en de eigen witveldige Loper te activeren.

16.Pc2 Le6 17.Td1 Txd1+ 18.Dxd1 Td8 19.De1 Lb3 20.De2

Zie het diagram hieronder. Zwart heeft al zijn stukken keurig ontwikkeld, terwijl het nog steeds de vraag is, hoe Wit denkt zijn zwartveldige Loper en vooral zijn Toren in het spel te brengen.

20…h5?

Waarschijnlijk onder het motto: “Als men het niet meer weet, gooi dan een pion naar voren!” Het doel ervan is te proberen Wits Koningsvleugel te verzwakken. Toch is dit geen goede zet, zoals het vervolg in de partij zal laten zien. 20…Lc4! is beter. 21.De1 Ld3 met een groot voordeel voor Zwart en Wit moet nu kiezen: ofwel zijn Dame op de d-lijn bloot stellen aan de Zwarte Toren, ofwel toestaan, dat de eigen pionnen op de Damevleugel verzwakt zullen worden. Het enige vluchtveld, dat het Paard van c2 heeft, is b4, waar Zwart het kan ruilen tegen zijn zwartveldige Loper.

21.e4 Lc4 22.De1 Lc5

22…Ld3 = haalt nu niets meer uit, omdat het Witte Paard nu ook naar het veel betere e3-veld kan.

23.Le3 h4 24.Lxc5 Dxc5 25.Pe3 Le6 26.Pf5 hxg3 27.Pxg3?

27.hxg3 = houdt de pionnen op de Witte Koningsvleugel bijeen.

27…Pf4

Zwart maakt meteen gebruik van het vrijwillig verzwakte f4-veld.

28.Td1 Te8

De Torens ruilen met 28…Txd1 29.Dxd1 is ook mogelijk, maar het is daarna niet duidelijk, hoe Zwart dan verder moet gaan.

29.De3 Dxe3 30.fxe3

Zie het diagram hieronder.

30…Ph3+?!

Vanaf hier kabbelt de partij verder ergens tussen een klein voordeel voor Wit en (meestal) een klein voordeel voor Zwart. Pas op 68e zet komt daar terug verandering in. Zij, die dat wensen, kunnen de tussenliggende fase zelf uitgebreid gaan analyseren. Onze huisanalist had daar geen zin in. Iets beter is 30…Pxg2 31.Kxg2 Kf8 met een groot voordeel voor Zwart gevolgd door Te8-c8, waarna de Zwarte Toren toch nog iets aan activiteit wint.

31.Lxh3 Lxh3 32.Pd5 Te6 33.Tc1 Td6 34.Tc5 b6 35.Pxf6+ gxf6 36.Tc2 Kh7 37.Kf2 Kg6 38.Pe2 f5 39.Kg3 Lg4 40.Pc3 Td3 41.Kf2 fxe4 42.Pxe4 Kf5 43.Pg3+ Ke6 44.Tc6+ Kd5 45.Tc2 Ld1 46.Tc7 Ke6 47.Tc6+ Td6 48.Tc7 Lg4 49.Pe4 Td3 50.Tb7 Kf5 51.Pg3+ Kg5 52.Pe4+ Kf5 53.Pc3 Lh5 54.Txb6 Td2+ 55.Kg3 Td3 56.Txa6 Txe3+ 57.Kf2 Tf3+ 58.Kg2 f6 59.Ta7 Td3 60.Th7 Lf3+ 61.Kf2 e4 62.a4 Td2+ 63.Ke3 Txb2 64.h4 Tb3 65.Kd2 e3+ 66.Kc2 Tb8 67.Te7 Kf4

Vanaf hier gaat de analyse terug verder. Zie het diagram hieronder.

68.Tf7?

68.h5 Th8 69.Te6 f5 70.h6 met een klein voordeel voor Zwart volgens mijn goede, oude Fritz. Het is echter niet duidelijk, wie er nu beter staat: Wit met zijn twee centrale verbonden pionnen of Zwart met zijn iets vrijere  pionnen aan de randen van het bord. Misschien heeft Carlsen hier een antwoord op.

68…f5 69.Te7 Td8 70.a5 Td2+ 71.Kc1 Th2 72.Th7??

Wit dekt zijn h-pion, maar dit blijkt een ernstige fout te zijn, zoals een hierna volgende analyse laat zien. 72.a6 Txh4 73.a7 Th8 74.Kb2 –+ met dank aan Fritz. Het is echter nog steeds niet helemaal duidelijk, hoe Zwart dit eindspel zal winnen: zijn Toren moet op de achterste rij blijven en zijn Loper is nodig, om de velden d1 plus d5 te dekken. Hierbij hindert dat laatste stuk de eigen Koning, wil hij steun verlenen aan de promotie van de pionnen.

72…Th1+?

72…Le4! 73.Pxe4? 73.Tc7 Tc2+ 74.Kd1 Kf3 –+ met de dreiging e3-e2+ eventueel gevolgd door Tc2-c1#. 73…Th1+ 74.Kc2 fxe4!! –+. Over deze laatste zet volgt er meer uitleg bij de analyse van Zwarts 74e zet. Zie aldaar.

73.Kc2 Le4+

Zie het diagram hieronder.

74.Pxe4??

74.Kb3 Ld3 –+ en Wits pionnen marcheren naar promotie.

74…Kxe4?

74…fxe4!! wint veel sneller, bijvoorbeeld: 75.Tf7+ Ke5 76.Te7+ Kf5 77.Tf7+ Ke6 78.Tf4 Ke5 79.Tf8 e2 80.Te8+ Kf4 –+ en de Zwart pion van e2 promoveert, omdat het e1–veld afgedekt wordt door de Zwarte pion op e4. Dit doet me overigens (zeer vaag) denken aan een eigen partij uit lang vervlogen tijden, toen er nog feeën en tovenaars bestonden; en de dieren nog konden spreken. Daarover iets meer na de analyse van deze partij.

75.Te7+ Kf3 76.a6 Txh4 77.Kd3 Ta4??

Waarschijnlijk in nijpende tijdnood heeft de Zwartspeler angst, dat de Witte a-pion sneller zal promoveren dan één van zijn verbonden pionnen. Toch laat de Zwartspeler hier de laatste kans liggen, om alsnog de overwinning binnen te halen: 77…f4 Deze voortzetting is een mooi voorbeeld van wat ik “de schildpaddenbeweging” noem: twee verbonden vrije pionnen, die in combinatie met de Koning en/of een Toren langzaam, maar zeker naar promotie kruipen. Vooral in eindspelen met Torens is dit een zeer effectieve en niet te stoppen manier, om de overwinning binnen te halen. 78.a7 Th8 Zwart moet zien te voorkomen, dat de Witte a-pion zal promoveren, en dit is de enige manier. Vanaf hier wint Zwart. 79.Kc4 Andere zetten verliezen ook, een voorbeeld: 79.Te4 Td8+ 80.Td4 Ta8 81.Ta4 e2 82.Ta1 Kf2 en de schildpad kruipt rustig verder: 83.Kd2 f3 84.Th1 Txa7 85.Th2+ Kg3 86.Th1 Td7+ 87.Ke3 Te7+ 88.Kd2 f2 –+. 79…e2 80.Kb5 Kf2 81.Te4 f3 82.Ta4 Ta8 83.Ka6 Te8 84.Kb7 –+, aldus Stockfish op lichess.

78.Txe3+ Kg4 79.Te6 f4 80.Kd2 Kf5 81.Tb6 Kg4

Men kwam remise overeen.

Zie het diagram hierboven uit die eerder vernoemde partij uit lang vervlogen tijden, namelijk Demont (sorry, Yves) – Olislaegers, 1997. Op het moment, dat hij aan zet was, stond Zwart daar twee pionnen achter. Hij had echter ook gezien, dat kwaliteit meestal beter is dan kwantiteit. De Zwartspeler ging toen verder met 44…c5!?, een zet, die hij enkele zetten eerder al had ingecalculeerd. Deze pion dekt de Zwarte Koning, terwijl die de promotie van de andere c-pion kan ondersteunen. 44…Txa7 is natuurlijk ook winnend voor Zwart, bijvoorbeeld: 45.Tc6 c2 46.Kxg4?? Ta4+ gevolgd door Ta4-c4 -+. 45.Ta6 c2 46.Ta1 Kd2 47.Kxg4 c1D 48.Txc1 Kxc1 49.e6 Txa7 50.Kf5 c4 51.Kf6 Kd2 52.e4 c3 53.e7 Ta8 54.Kf7 c2 55.e8D Txe8 56.Kxe8 c1D 57.e5 De1 en Wit gaf op. Natuurlijk zijn er bij deze laatste partij verbeteringen mogelijk. Het is enkel mijn bedoeling geweest te laten zien, dat verdubbelde pionnen niet altijd een zwakte hoeft te betekenen en soms zeer behulpzaam kunnen zijn.

21/10/2021: Demont, Yves – Van den Heyning, Sebastiaan; een analyse door Walter O.

Waarom een analyse van deze partij? Dit heeft twee redenen:

In de eerste plaats is er tegengestelde speelwijze van beide spelers: een Zwartspeler met zijn onorthodoxe, ietwat opportunistische stijl (Sebbe, het siert u) tegenover de goeie degelijkheid van de Witspeler (Yves, het siert u).

In de tweede plaats ben ik de laatste zoveel jaar een liefhebber geworden van gambieten en andere onorthodoxe openingen. Ergens rond de eeuwwisseling had ik even geëxperimenteerd met het Albin tegengambiet, maar omdat na 1.d4 teveel tegenstanders verder gingen met 2.Pf3 in plaats van 2.c4, was ik er terug van af gestapt.

1.d4 d5 2.c4 e5

Het Albin tegengambiet.

3.cxd5

De Witspeler neemt de pion op d5 met de bedoeling de Zwarte Dame naar het open veld te lokken. Deze zet is zeker speelbaar, maar hier bestaan zeer weinig theorie over. Ik heb dan ook even moeten zoeken op het internet, om iets te kunnen vinden. Het beetje uitleg, dat ik toch vond, staat in deze analyse tussen twee aanhalingstekens weergegeven. “De zet is minderwaardig aan 3.dxe5!, maar is in ieder geval goed voor een gelijkstand. Het doet geen echte poging, om Zwart te straffen voor zijn lef bij het spelen van 2…e5.”

3…Dxd5

Zwarts eerste zet met de Dame. Bestaan er alternatieven? Ja, die bestaan, maar zijn iets minder goed.

4.Pc3

De meest voorkomende alternatieven:

Alsnog 4.dxe5?! met een klein voordeel voor Zwart, maar nu is die zet iets minder goed, bijvoorbeeld: 4…Dxd1+! “Deze zet werd voorgesteld en het toernooiboek noemt het de correcte zet. Het is wat meesters spelen: een snelle ontwikkeling plus een aanval ten koste van een pion.” “Er lijkt niets mis te zijn met 4…Dxe5, waarna de stelling gelijk is.” 5.Kxd1 “De Witte Koning staat op d1 oncomfortabel geplaatst, vooral omdat Zwart weldra lang zal rokeren.” 5…Pc6.

4.e3 exd4 4…Pc6! 5.Pc3 Lb4. 5.exd4 “5.Pf3 Pc6 6.exd4 Lg4 Dit verandert plots in een variant uit het Göring gambiet: 1.e4 e5 2.Pf3 Pc6 3.d4 exd4 4.c3 d5 5.exd5 Dxd5 6.cxd4 Lg4, welke absoluut niet gevaarlijk is, zelfs zonder de theorie te kennen. In ieder geval, als een speler met de Witte stukken een partij begint met 1.d4, dan is er een klein risico, dat hij zichzelf een groot kenner van het Göring gambiet kan noemen.” 5…Pc6 6.Le3 Pf6 7.Pc3 Lb4 8.a3 Lxc3+ 9.bxc3 0–0 10.Pf3 Lg4 11.Le2 Tfe8 12.0–0 =, cookiedevph – Olislaegers, 2020. Deze partij van 10 minuten per persoon speelde ik een goed jaar geleden op chess.com.

4.Pf3 “Dit is een goede, natuurlijke zet ter ontwikkeling, welk op geen enkele manier dwingt tot het offeren van dit Paard. Dit is duidelijk het beste en de enige kwestie is, welk vervolg eraan geven.” 4…e4 “4…exd4 = is een goed alternatief. 4…Pc6!?.” 5.Pc3 Lb4 enzovoort.

4…Dxd4

Zwarts tweede zet met de Dame.

5.Dc2?!

Wit gaat een ruil der Dames uit de weg en offert daarmee een pion. Zijn plan is door de Zwarte Dame aan te vallen zijn stukken te kunnen ontwikkelen. 5.Dxd4 exd4 6.Pb5 De stelling is gelijk. Dankzij de dreiging Pb5xc7+ plus Pc7xa8 met winst van de kwaliteit kan Wit zijn geofferde pion terugwinnen. 6…Lb4+ 7.Ld2 Lxd2+ 8.Kxd2 Pa6 Hier is deze zet wel nodig. 9.Pxd4 en nu:

9…c5 10.Pb5 Pf6 10…Le6 met een klein voordeel voor Zwart. 11.Pf3 Le6 12.Td1 0-0-0+ 13.Kc1 Pe4 14.Txd8+ Txd8 en Wit gaf op in A – Leisebein, 2003.

9…Pf6 10.f3 0-0 11.e4 Td8 12.Lxa6 Txd4+ 13.Kc3 Td6 14.Lc4 Tc6 15.Kd3 b6 16.g3 Lb7 17.Lb3 Td8+ 18.Ke3 Tcd6 19.Pe2 Td3+ 20.Kf2 Td2 21.Tad1 La6 22.The1 T8d3 23.Tb1 Pd7 24.g4 Pe5 en Wit gaf op in Kuemin – Mittermeier, Vorarlberg 1997.

9…Lg4 10.e3 Pb4 11.Lb5+ c6 12.a3 cxb5 13.axb4 Ld7 14.Pgf3 Pe7 15.Pe5 a6 16.e4 f6 17.Pd3 0-0-0 18.Pc5 Kb8 19.Tac1 Lc8 20.Ke3 The8 21.Pc2 b6 en Wit gaf op in Stubbe – Humeau, Calvi 2010.

5…Pa6?

Een erg ongebruikelijke en tegelijk slechte zet. De Zwartspeler gaf na de partij aan, dat hij zijn pion op c7 ermee wilde beschermen. Een beetje onnodig, daar hij nog steeds c7-c6 tot zijn beschikking heeft. Het enig voordeel voor Zwart aan de partijzet is, dat hij nu Pa6-b4 kan spelen.

Het beste is nu 5…Pc6! met een groot voordeel voor Zwart.

5…Lb4 6.Ld2 met een klein voordeel voor Zwart in Gonzalez Sanchez – Almeida Sanchez, Las Palmas 2013.

5…Dd8 6.Pf3 Ld6 7.Lg5 Pe7 met een klein voordeel voor Zwart in Pimenta – Ferreira, Rio de Janeiro 2007.

6.Pf3

De Zwarte Dame wordt voor een eerste keer aangevallen, terwijl er een Wit stuk ontwikkeld wordt.

Met 6.a3 werd meteen die dreiging Pa6-b4 teniet gedaan in fratazio – AfghanpowerZ, lichess 2017, 6…Dg4!? met een klein voordeel voor Zwart.

6.Le3?!, nouah – Jeopa, lichess 2021, 6…Pb4! met een groot voordeel voor Zwart.

6…Dc5?!

Zwarts derde zet met de Dame. 6…Dd6 met een klein voordeel voor Zwart.

7.e4?!

7.a3 = voorkomt zowel Pa6-b4 als Lf8-b4.

7…Pb4 8.Db1 a6 9.Le3

De Zwarte Dame wordt voor een tweede keer aangevallen, terwijl er een Wit stuk ontwikkeld wordt.

9…Dd6

Zwarts vierde zet met de Dame.

10.Le2 Pf6 11.0–0 Pc6?!

11…Pg4 met een klein voordeel voor Zwart , omdat Wit nu de keuze heeft: ofwel een geïsoleerde dubbele pion op de e-lijn toestaan, ofwel zijn zwartveldige Loper weghalen van diens beste diagonaal.

12.Td1

De Zwarte Dame wordt voor een derde keer aangevallen, terwijl er een Wit stuk ontwikkeld wordt.

12…Db4?!

Zwarts vijfde zet met de Dame. 12…De7 13.Pd5 Pxd5 14.exd5 met een klein voordeel voor Wit.

13.Pd5 Pxd5 14.exd5 Pd4?!

Vanaf hier zal de partij steeds kabbelen tussen een groot en een winnend voordeel. 14…Pe7 is iets beter voor Zwart, maar na 15.Pxe5 met een groot voordeel voor Wit is het de vraag, hoe hij zijn Koningsvleugel zal ontwikkelen en wanneer hij zijn Koning naar veiligheid kan rokeren.

15.Pxd4 exd4 16.Txd4

Kijk naar de verschillen op het bord hieronder: Wit heeft drie stukken ontwikkeld, terwijl Zwart slechts één: de Dame, welke hier opnieuw aangevallen wordt. Dit kan nooit goed zijn voor Zwart! 16.Lxd4 zou ook gekund hebben, bijvoorbeeld: 16…Ld7 17.De4+ De7 18.Df4 +-.

16…Dd6

Zwarts zesde zet met de Dame.

17.Lf4 Df6

Zwarts zevende zet met de Dame.

18.De4+ Le7 19.d6

19.Lxc7 met nog steeds de dreiging d5-d6 is iets beter. Wit wint niet alleen een pion, maar voorkomt voorlopig ook, dat er een Zwarte Toren op d8 terecht kan. 19…Lf5 20.Df4 0–0 21.d6 Ld8 +-.

19…cxd6 20.Lxd6 Le6

Iets beter is 20…De6!?, bijvoorbeeld: 21.Lc4 Dxe4 22.Txe4 Le6 23.Lxe6 Lxd6 24.Ld5+ met een groot voordeel voor Wit gevolgd door Ld5xb7 of Ld5xf7, afhankelijk waar Zwarts Koning naartoe gaat. Daar staat tegenover, dat er ongelijke Lopers op het bord zijn gekomen, welk de kansen op remise vergroot in Zwarts voordeel.

21.Dxb7 Td8

Iets beter is 21…0–0! 22.Tf4 Ld5 23.Dxe7 Dxe7 24.Lxe7 Tfe8 25.Td4 Lc6 +-.

22.Tf4

Nog iets beter is 22.Lxe7 Dxe7 22…Dxd4 23.Lxd8 Dxd8 24.Td1 Dc8 +- komt op hetzelfde neer. 23.Txd8+ Dxd8 24.Td1 Dc8 25.Lxa6 Dxb7 26.Lxb7 Lxa2?? 26…Ke7 27.b3 +- en Wit staat twee gezonde en vrije pionnen voor. 27.Ta1 Le6? 28.Ta8+ Ke7 29.Txh8 +- en Wit staat een Toren plus een pion voor.

22…Dg5

Zwarts achtste zet met de Dame.

23.h4 Dd5??

Zwarts negende zet met de Dame en meteen ook de laatste. En dat op 23 zetten! Oftewel: Net geen 40% van zijn zetten werden uitgevoerd met één en hetzelfde stuk! 23…Ld5 is beter, maar ook dit zal uiteindelijk naar verlies leiden, bijvoorbeeld: 24.Dxe7+ Dxe7 25.Lxe7 Kxe7 26.Lxa6 +- en in dit eindspel staat Wit twee pionnen voor.

24.Dxe7#

Verslag speelavonden 21 en 28 oktober 2021

Beste houtschuivers,

Maar liefst acht borden waren op 21 oktober het strijdtoneel alwaar er een verbeten strijd geleverd werd om felbegeerde puntjes in de competitie te scoren.

Volle bak in het schaaklokaal!

Ik kwam iets later binnen en toen had nieuweling Koen reeds een kort maar krachtig spel achter de rug. Hij speelde Marc O naar huis en stak zodoende een vol punt op zak, niet slecht voor een eerste partij.
Onze voorzitter kreeg Peter W. als tegenstander op zijn bord. Marc speelt een solide partij maar Peter is iets beter en werkt het mooi af. Een vol punt voor Peter.
In de partij tussen Jef W en Peter VD is het Jef die de betere stelling op het bord tovert en Peter moet vol aan de bak om te verdedigen. In een acute aanval van schaakblindheid geeft Peter een dame cadeau en legt hij zijn koning neer.
Tussen Bart en Bob ontwikkelt zich een interessante stelling waar Bob in de verdediging gedrukt word door een agressief spel van Bart. Bob weet door een onoplettendheid van Bart een cruciaal pionnetje te snoepen en dan komt de eindspelsterkte van Bob bovendrijven. Hij geeft het voordeel niet meer uit handen en Bart geeft op.
Tussen Peter DH en Tom is het Peter die heel wat pionnen uit de stelling van Tom weet weg te snoepen maar Tom ziet de mat en kan hem ook op het bord krijgen. En zet een vol punt achter zijn naam.
Tussen Yves en Sebastiaan ontwikkelt zich een interessante stelling. Hier kwam de openingskennis van Yves aan de pas om het flamboyante spel van Sebastiaan te pareren. Yves laat Sebastiaan niet in het spel komen en nijpt de stelling dicht rond de strot van de zwarte koning. En Sebastiaan legt zijn koning neer.
Op het bord tussen Peter VdA en Kristof lijkt Kristof de betere stelling te hebben met wat pionnen voorsprong maar Peter heeft zeker ook een serieuze aanval en houdt ook druk op de stelling. Als de pionnen van Kristof vrij spel hebben starten deze hun opmars richting overkant. Peter houdt het niet meer en geeft op.

En dan is er, nadat alle bovenvermelde partijen gespeeld zijn, nog één partij bezig. Het was te verwachten dat deze lang zou kunnen duren. Jo en Stijn zitten in een prachtige partij verwikkeld. Jo komt wel paard tegen een toren achter maar door de tijdsdruk die op de schouders van Stijn ligt, is alles nog mogelijk. Natuurlijk komt Stijn in tijdsnood en ondergetekende wordt naast het bord gezet om te noteren voor een zwetende en zwoegende Stijn. In een acute aanval van schaakblindheid heeft Stijn de matdreiging van Jo niet gezien en Jo zet een mooie mat op het bord.

En dan de week erna, op 28 oktober, werden er slechts twee partijen afgewerkt. Maar alle aanwezigen werden wel op spektakel getrakteerd!
Als ik binnenkom zitten Kristof en Marc O op een bord te kijken waar alle lichte stukken reeds afgeruild zijn en elkeen heeft dus nog twee torens en een dame om de formatie van 8 pionnen elk te doorbreken en het de tegenstander zo lastig mogelijk te maken. Als er na wat hen en weer geschuif de dames afvliegen, stelt Marc remise voor. Kristof ziet (ergens) een winstkansje en even later komt Kristof zelfs pion achter. Als de tijd van Kristof ongenadig hard wegtikt komen ze alsnog remise overeen.
En dan Lars tegen Bart. Wat een spektakel was dat! Bart lijkt in het begin niet echt met de match bezig te zijn, hij zit meer op een laptop voor Luc van alles te regelen en even later gaat hij nog aan de toog naar een zwart-wit geblokte bal kijken met schijnbaar meer interesse dan het zwart-wit geblokte bord dat tussen Lars en hem op tafel ligt. Lars mag dan wel een pionnetje wegsnoepen in een interessante stelling, het blijkt vooral een vergiftigde pion geweest te zijn. Het is een complexe stelling en Lars doet een Stijntje door een beetje té lang na te denken.

Bart heeft weliswaar de betere stelling en de matdreiging die onafwendbaar is, maar met nog slechts dertig tellen op de klok geeft Lars op.

Wat een mooie partijen van deze avond!

 

Tot donderdag voor meer schaak,
Uw secretaris

Dries

 

 

GROEP A
Bart Bob 0-1
Peter DH Tom 0-1
Marc W Peter W 0-1
Lars Bart 0-1

 

GROEP B
Koen Marc O 1-0
Yves Sebastiaan 1-0
Peter VD Jef W 0-1
Peter VdA Kristof 0-1
Stijn Jo 0-1
Kristof Marc O 0,5-0,5

 

Verslag speelavond 14 oktober 2021

Beste liefhebbers van het betere houtschuifwerk,

 

Afgelopen donderdag werden er twee partijen van ronde 3 afgewerkt, en wat een partijen werden het! De aanwezige supporters werden getrakteerd op houtschuifwerk van het hogere niveau!

Zo was daar de partij tussen Bart en onze voorzitter. Marc weet een pionnetje voor te komen en komt zo in de betere stelling terecht.

Marcs koning is op de dool

Marc zijn zwarte koning geraakt serieus op de dool en ondersteunt een pion die richting overkant trekt. Bart moet zelfs nog een paard afgeven en als hij naar het einde toe ook nog een toren dreigt te verliezen, legt hij zijn witte koning neer.

En dan is er ’n match op topniveau nog bezig. Bob en Lars zweten het uit en geven elkander geen duimbreed toe. Het is ’n heel gesloten spel waarin er niet direct iemand meteen de overmacht in handen neemt. Bob weet de aanvallen van Lars handig te pareren. Als er wat stukken geruild worden, komen beiden in een tactisch eindspel terecht. In het eindspel hebben ze elk twee pionnen die ze naar de overkant proberen te loodsen, op de E- en F-lijn van Lars en Bob heeft de flankpionnen, die dus op de A- en H-lijn staan.

serieuze belangstelling voor een match der titanen…

Als de loper en het paard naast het bord staan in plaats van erop, barst de sprint der pionnen richting overkant los. Maar er zijn nog torens aanwezig die deze pionnen kunnen onderscheppen. Omstaanders en supporters die reeds lang naar huis wilden, durven niet teneinde ook maar iets van deze nagelbijtende partij te missen. De twee koningen geraken op de dool teneinde de vijandige pionnen te onderscheppen, maar Lars geraakt zodanig in tijdsnood dat de twee heren besluiten om remise overeen te komen.

 

 

Vriendelijke groet

Uw secretaris

Dries

 

 

 

 

 

Groep A

Bob    –          Lars   0,5  – 0,5

Bart   –          Marc W.   0  –  1

 

Een analyse van de partij tussen Jo en Yves… Door Walter Olieslagers

Beste leden, lees hieronder even mee. Het is Walters analyse van de partij tussen Jo en Yves die afgelopen donderdag afgewerkt werd in de competitie…

07/10/2021 Cooremans, Jo – Demont, Yves

1.c4 f5 2.d3 Pf6 3.Pc3 g6 4.Pf3 Lg7 5.Lf4

Stockfish op lichess zegt, dat de partijzet dubieus is en geeft als “verbetering” 5.g3 0–0 6.Lg2 a5 7.0–0 d6 8.a3 e5 9.Tb1 Pc6 = . Wat Stockfish er echter niet bij vertelt, is, dat de partijzet het ruimte winnend e7-e5 tijdelijk voorkomt.

5…d6 6.e3 0–0

De partijzet is zeker niet slecht, maar de stelling vraagt om meteen 6…e5 7.Lg3 =.

7.Le2?!

Wit kan ook verder gaan met:

  1. d4 = voorkomt voorlopig een mogelijk e7-e5.
  2. h3?!, Castaneda Martinez – Garmendia Vega, Antofagasta Zicosur 2019, 7…e5 met een klein voordeel voor Zwart;
7…c6?!

De partijzet houdt een eventueel Pc3-b5 of Pc3-d5, maar dat kan later nog steeds opgevangen worden. De stelling roept echter nog steeds om 7…e5 met een klein voordeel voor Zwart.

8.0–0

Ook nu weer ligt 8.d4 = om dezelfde reden meer voor de hand.

8…e5

Eindelijk! Wit kan ook verder gaan met:

  1. ..h6 =, janlag4 – Dixxxon, 2020.
  2. ..Dc7?!, annali – jurisozi, 2016, 9.c5! met een klein voordeel voor Wit.
9.Lg5?!

De Witspeler staat vrijwillig zijn Loperpaar af. Zwart neemt hierna meteen de juiste maatregelen. Indien Wit zijn Loper niet ruilt tegen het Paard van f6, kan er g6-g5 plus f5-f4 volgen en verliest Wit die Loper. 9.Lg3 =.

9…h6 10.Lxf6 Lxf6 11.Tc1 Le6 12.Pd2?!

Wit wil dit Paard naar de Damevleugel overbrengen, maar daar heeft dit stuk weinig te zoeken. Iets beter is 12.e4 met een klein voordeel voor Zwart , waarna de zwartveldige Loper van Zwart in enigszins beperkt wordt in diens vrijheid aan beweging.

12…Pd7 13.a3 Lg7 14.Lf3 Pf6?!

14…a5 met een groot voordeel voor Zwart heeft twee voordelen: ofwel voorkomt deze zet een Witte uitbreiding op de Damevleugel met b2-b4, ofwel zal de Zwarte Toren van a8 geactiveerd worden na een ruil op b4, zonder dat dit stuk zich heeft moeten verplaatsen. Kortom, Wit zal meer tijd nodig hebben, om zijn pionnen van de Damevleugel op te kunnen spelen.

15.b4 d5 16.Pb3?!

16.cxd5 is iets beter, maar niet voldoende: 16…Pxd5 16…cxd5 met een klein voordeel voor Zwart. 17.Pxd5 Lxd5 18.Lxd5+ Dxd5 en ook na deze internationale afruil staat Zwart iets beter.

16…e4

16…dxc4 wint simpel een pion. 17.Pc5 17.dxc4?! Lxc4 met een groot voordeel voor Zwart gevolgd door Lc4-f7. 17…De7!? 18.Pxe6 Dxe6 met een groot voordeel voor Zwart.

17.Pc5

17.dxe4 met een klein voordeel voor Zwart is iets beter, maar geeft hem het initiatief.

17…Lc8?!

17…Lf7 18.dxe4 dxe4 19.Dxd8 Tfxd8 20.Le2 b6 21.Pb3 met een groot voordeel voor Zwart. Hij kan nu gaan nadenken over het manoeuvre Pf6-d7-e5, waardoor ook nog eens de Loper van g7 vrij over diens lange diagonaal kan beschikken.

18.dxe4 fxe4?!

Dit is in feite het keerpunt in de partij: Zwart sluimerde tot dusver steeds tussen een klein en een groot voordeel, maar geeft het nu een beetje uit handen. Iets beter is 18…dxe4, omdat het geen licht verzwakte pion op d5 achter laat. 19.Dxd8 Txd8 20.Le2 met een klein voordeel voor Zwart De witveldige Loper van Wit wordt nu behoorlijk in zijn vrijheden beperkt.

19.Le2 b6 20.Pb3 Le6?!

20…Lb7 plaatst de witveldige Loper op de lange diagonaal, alwaar het stuk niet bloot gesteld kan worden aan een eventueel Pb3-d4. Een beetje onbegrijpelijk, dat Zwart deze zet niet speelde: met zijn laatste zet was ter voorbereiding hiervan. 21.cxd5 cxd5 =.

21.Pd4 Dd7 22.cxd5

Zie het diagram hieronder

22…Pxd5?

Ook al zorgt het voor een wat verzwakte pion op d5, toch is 22…cxd5 iets beter. Het laat echter wel 23.Pcb5 met een klein voordeel voor Wit toe, eventueel gevolgd door Tc1–c7.

23.Pxe4 Pe7??

Dit verliest een stuk en de partij: Wit ruilt op e6 en kan vervolgens een zeer lastige penning plaatsen. Geen enkele Zwartspeler ruilt in zulke stelling graag zijn sterke zwartveldige Loper tegen een Paard, maar hier is het niet alleen nodig, maar ook goed: 23…Lxd4 24.Dxd4, bijvoorbeeld: 24…Pf4!? 25.Db2 Pxe2+ 26.Dxe2 met een groot voordeel voor Wit.

24.Pxe6 Dxe6 25.Lc4 Pd5 26.Pg3 b5 27.Lb3 Kh8 28.e4 Pe3 29.Lxe6 Pxd1 30.Tfxd1 Lb2 31.Txc6 Lxa3 32.Tb1 a5 33.bxa5 Txa5 34.Ld5

En zwart gaf op.